Slaapproblemen (slaapwandelen, bedplassen, nachtmerries, inslaapproblemen)

 

Slaapwandelen

Slaapwandelen komt vooral voor op de leeftijd van 3 tot 5 jaar. Het is op zich onschadelijk, neemt af met de leeftijd en verdwijnt meestal vanzelf. Het is wel belangrijk te zorgen voor een veilige omgeving: obstakels in de slaapkamer verwijderen, ramen vergrendelen, de trap afsluiten, …


Je kind wekken tijdens het slaapwandelen is af te raden. Het wordt er meestal verward of beschaamd door. Dit kan op zijn beurt leiden tot andere slaapproblemen, bijvoorbeeld niet meer durven slapen. Praat ook overdag niet over het slaapwandelen.

Bedplassen

Bedplassen komt bij kinderen onder de vijf jaar heel regelmatig voor. Tot de leeftijd van zeven jaar is bedplassen niet abnormaal. Je kind is dus geen uitzondering wanneer het voor die leeftijd nog in bed plast. Veel kinderen zullen zich wel schamen als ze na hun vierde verjaardag nog in bed plassen. Belangrijk is om het zelfvertrouwen van je kind te beschermen. Alle acties die je onderneemt, moeten ondersteunend zijn en niet bestraffend. Je kind doet het immers niet opzettelijk en vindt het zelf ook vervelend.

Nachtmerries

Nachtmerries duiken op vanaf de leeftijd van 2 jaar. Deze angstdromen kunnen op hun beurt het inslapen bemoeilijken omdat het kind op deze leeftijd het onderscheid nog niet kan maken tussen dromen en werkelijkheid. Het idee dat gaan slapen betekent dat ze zich willoos overgeven aan het onbekende, is voor hen te beangstigend. Naarmate het kind ouder wordt, neemt de realiteitszin toe. Het kind begint meer logisch te redeneren. Een gevolg daarvan is dat het ook een onderscheid begint te maken tussen dromen en werkelijkheid. Nachtmerries worden daardoor zeldzamer. Vermoedelijk hebben deze kinderen nog wel nachtmerries, maar doen ze steeds minder een beroep op hun ouders als ze wakker worden en leren ze steeds beter hun plan te trekken. Dit wordt onder meer geïllustreerd door het feit dat kleine kleuters vaak huilen of roepen bij een nachtmerrie. Oudere kleuters van 5-6 jaar gaan vaak zelf naar hun ouders toe als ze wakker worden bij een nachtmerrie.

Rond de leeftijd van 6 jaar is er een piek in het aantal nachtmerries. Vermoedelijk heeft dit te maken met wat het kind overdag heeft meegemaakt en met eventuele angsten of conflicten die nog blijven doorspelen tijdens de slaap.

Het heeft echter weinig zin om naar de diepere achtergronden van nachtmerries te zoeken. Ze zijn een normaal verschijnsel en verdwijnen vanzelf. Dat men zich een nachtmerrie herinnert, is ook niet echt belangrijk. De herinnering is nl. grotendeels afhankelijk van het feit of men al dan niet wakker geworden is. Aan dromen of nachtmerries die tijdens een diepe slaapfase beleefd worden, houdt men nl. zelden herinneringen over, wat niet wil zeggen dat ze er niet zijn.

Inslaapproblemen

Sommige kinderen blijven het echter moeilijk hebben om in te slapen. Vaak zijn het kinderen die zeer intensief bezig zijn en zo geboeid blijven door alles wat ze overdag meemaken dat ze er moeilijk afstand van kunnen nemen. De leefwereld van het kind breidt zich immers gestaag uit, in deze periode vooral naar de sociale wereld buiten het gezin. Het kind gaat naar school, maakt vrienden, neemt zelfstandig deel aan allerhande activiteiten, bv. jeugdvereniging, voetbalploeg, enz. Angsten, problemen of onzekerheden over die nieuwe sociale omgevingen kunnen echter ook voor inslaapmoeilijkheden zorgen.